Vaals

De gemeente Vaals heeft een oppervlakte van bijna 24 km² en een inwonertal van ongeveer 10.000. Vaals ligt direct aan de Rijksgrens van Nederland, ten westen van Aken. Vaals is bijna vastgegroeid aan de Duitse stad en kan om die reden gezien worden als een Nederlandse voorstad van Aken. Ten zuiden van Vaals, in België, ligt het dorp Gemmenich dat tot de Waalse gemeente Blieberg (Frans: Plombières) behoort. De gemeente Vaals behoort met Sittard-Geleen, Echt-Susteren en Gulpen-Wittem tot de vier Nederlandse gemeenten die zowel aan Duitsland als aan België grenzen. De vooruitgeschoven, perifere ligging van Vaals – en Zuid-Limburg in het algemeen – wordt gesymboliseerd met de term “balkon van Europa”.

Een stukje geschiedenis van Vaals

Het grondgebied van de gemeente Vaals is al heel lang bewoond. In de Vijlenerbossen zijn ca 7000 jaar oude grafheuvels gevonden uit de tijd van de Bandkeramiekcultuur (zie Grafheuvels Vijlenerbos). Bij Lemiers zijn de resten van een Romeinse villa opgegraven (zie Romeinse villa Lemiers).

Vaals wordt voor het eerst in de schriftelijke bronnen genoemd in 1041. De plaats heette destijds Vals of Vallis, wat dal betekent. De naam komt voor in een akte waarin keizer Hendrik III goederen in Holset, Lemiers, Vijlen en Mamelis schonk aan het Sint-Adelbertstift in Aken. Om deze landerijen te onderscheiden van andere bezittingen in Aken, werd gesproken van de landerijen “op de berg” (Laurensberg?) en “in het dal” (in Vallis). In die tijd lag het centrum van de huidige gemeente Vaals niet in de plaats Vaals, maar in het dorpje Holset, waar tevens de hoge rechtbank gevestigd was. Van de lagere rechtbanken in Vaalsbroek, Vijlen en Einrade kon men in Holset in hoger beroep gaan.

Vaals was gelegen aan de van oorsprong Romeinse heerbaan van Aken naar Maastricht en de eveneens zeer oude weg van Rolduc naar Moresnet. In de middeleeuwen lag Vaals in het land van ’s Hertogenrade, dat bestuurd werd vanuit de burcht Rode in Herzogenrath. Later ging het, samen met het hertogdom Limburg, het graafschap Dalhem en het land van Valkenburg deel uitmaken van de landen van Overmaas van het hertogdom Brabant, dat nog weer later onderdeel werd van de Bourgondische Nederlanden. In het oosten grensde Vaals aan de rijksstad Aken, waar de landsgrenzen werden gemarkeerd door middel van grensstenen en een landweer (of landgraaf). Van de 94 grensstenen, voorzien van de rijks-Duitse adelaar, zijn er thans nog een 20-tal over, waarvan de oudste uit 1386 dateert. De landweer, een 70 km lange greppel, werd in 1419 gegraven om het Rijk van Aken te beschermen tegen de Bourgondische expansiedrift.

In de strijd tegen de Spanjaarden trokken de troepen van Willem van Oranje in 1568 door Vaals en plunderden de dorpskerk. Ook na de Vrede van Munster bleef de staatkundige positie van Vaals nog enige tijd onduidelijk. Bij het Partagetraktaat van 1661 werd Vaals aan de Republiek der Verenigde Nederlanden toegewezen. Het werd bestuurd als deel van de Generaliteitslanden. Door het ontwikkelen van een Staatse machtsbasis in de regio werd de kiem gelegd voor de latere indeling van Zuid-Limburg bij Nederland.